Koning Boudewijn
Vol de Canards (1998)
«Vol de Canards» is een luchtkunstwerk dat bestaat uit 31 met fluorescerende kleuren beschilderde metalen eenden die aan het plafond van het station hangen. De kleuren en de eenvoud van de belijning passen duidelijk in de stijl die Philippe Decelle aanhangt. Ze geven het station een vrolijke en kleurrijke sfeer.
Het kunstwerk is gebaseerd op het idee van herhaling, dat nog wordt versterkt door het voortdurende aankomen en vertrekken van de metrostellen. Het loont niet alleen de moeite naar boven te kijken op het perron, waar de eenden hangen, maar ook op de grond speelt zich een bijzonder tafereel af met de schaduwen van de vogels.
Philippe Decelle (Elsene, 1948)
Volgens Decelle moet kunst de stedeling behagen en hem ertoe aanzetten de openbare ruimtes te respecteren. Zijn oeuvre getuigt van een grote harmonie. Hij creëert verschillende werken voor openbare plaatsen en, meer bepaald, voor de luchthaven van Brussel-Nationaal. Als materiaal gebruikt hij neon. Philippe Decelle is sinds 1993 ook bekend van zijn plasticarium in de Brusselse Dansaertwijk (Locquenghienstraat). Een soort museum, zeg maar, waar hij zijn uitgebreide collectie plastieken voorwerpen tentoonstelt en waar hij zelf ook rondleidingen geeft. Er zijn ook twee zalen gewijd aan het werk van Decelle zelf. Zijn plasticverzameling begon in 1986 met zijn fascinatie voor glas, voor materialen die glanzen en schitteren. Hij zocht ook bewust naar materialen waar licht in speelt, met een voorkeur voor gekleurde plexi.
Philippe Decelle noemt zichzelf een kunstenaar van de stad en meer bepaald van Brussel.
Le Roi Baudouin (1998)
Elisabeth Barmarin heeft de overleden koning Boudewijn staande voorgesteld, alsof hij ook in de metrogang wil stappen. Het gaat om een beeldhouwwerk van 1m20 breed op 2m25 hoog in realistische stijl, waarbij soberheid en eenvoud de hoofdtoon aangeven.
In het atelier heeft Elisabeth Barmarin het haut-reliëf van de opgedroogde aarde behouden, dat koning Boudewijn uitbeeldt. De aarde is gescheurd en gebarsten. De pijn, het verlies, zitten erin vervat en worden erdoor bevestigd.
Bij het ontstaan van het kunstwerk werd de zachte aarde vervangen door brons, wat een duurzamer materiaal is, als teken voor het geheugen van een volk. Het was voor de kunstenares een ware emotionele opdracht om op een openbare plaats een beeldhouwwerk te maken (en uiteindelijk ook de aanwezigheid/afwezigheid) van iemand wiens verdwijnen het land in rouw bracht. Naast de koning graveerde de kunstenares enkele silhouetten die verwijzen naar de talrijke personen die van hun koning hielden.
Elisabeth Barmarin verwijst zelf graag naar een reactie die ze kreeg van een MIVB-verantwoordelijke: «De koning lijkt zich tussen hemel en aarde te bevinden».
Elisabeth Barmarin (Lodelinsart, 1915)
Elisabeth Barmarin volgt lessen aan de Academie voor Schone Kunsten in Brussel. Ze maakt portretten, boetseert en valt vooral op in de beeldhouwkunst, waarvoor ze verschillende prijzen ontvangt. Debuteren deed Elisabeth Barmarin met gestileerde figuren en ze vond eveneens inspiratie in het thema moeder-enkind, maar ook vogels komen geregeld aan bod in haar beeldhouwwerken. Deze artieste werkt vaak met klei, was, brons en steen. Recenter is ze ook ontwerpster van spiegel-dozen. Haar kunstwerken schijnen nooit perfect, maar blijven eerder oneindig onvoltooid. Ze zijn onder meer te zien op verschillende openbare plaatsen in Brussel, zoals voor het Koninklijk Observatorium in Ukkel.
Elisabeth Barmarin gaf ook les in de scholen «aux Soeurs de Sainte-Marie» en in het «Institut supérieur d'Architecture de Saint-Luc».

